We zijn onderweg op de fiets. De eerste regendruppels brengen ons nog niet van de wijs en we fietsen rustig door. Het worden er echter steeds meer en we zoeken beschutting.

In geen velden of wegen is een restaurant te bekennen, maar via een bord met het woord 'Rustpunt' belanden we bij een gebouw, waarbij de deur uitnodigend open staat. Aarzelend lopen we naar binnen. Er is niemand en er komt niemand.

Maar dan lezen we dat we hier welkom zijn en een kopje koffie of thee mogen zetten. We mogen een stukje appel- of kwarktaart uit de koelkast pakken en we kunnen gebruik maken van het toilet.
We verwonderen ons over deze verrassende gastvrijheid.
Het voelt alsof we werden verwacht!

 

We verwonderen ons ook over het vertrouwen dat ons wordt gegeven door mensen die ons niet kennen, maar die er op hopen dat wij dat vertrouwen niet zullen beschamen.

En dat wij de boel netjes zullen achterlaten en zo mogelijk, een vrijwillige bijdrage in het daarvoor bestemde bakje zullen doen.


Natuurlijk doen wij dat!
Ik word helemaal blij van dit onverwachte mooie gebeuren.
Hoopvol gestemd stappen wij weer op de fiets.
En ook buiten gaat de zon schijnen...

 

Gerda Bekius